FAQ
De mobiele applicatie (die gebruikmaakt van een versleuteld Bluetooth-kanaal) is een van de drie methoden om het CanLock-antidiefstalsysteem te ontgrendelen, wat veel gemak biedt.
Om uw smartphone te koppelen aan het CanLock-systeem, volgt u de algemene koppelingsstappen:
Download de Applicatie:
Download en installeer de officiële CanLock-applicatie op uw smartphone (doorgaans beschikbaar in de app stores, of via een officiële APK-link voor bepaalde PRO-versies op Android).
Activeer het Systeem en Bluetooth:
Zorg ervoor dat het CanLock-systeem correct in uw voertuig is geïnstalleerd en operationeel is.
Activeer de Bluetooth op uw smartphone.
Koppelingsprocedure (Pairing):
Open de CanLock-applicatie op uw telefoon.
De applicatie zou u moeten begeleiden bij het zoeken naar CanLock-modules in de buurt (u moet zich in het voertuig of in de directe nabijheid bevinden voor de Bluetooth-koppeling).
Selecteer uw CanLock-module wanneer deze in de lijst met apparaten verschijnt.
Het is mogelijk dat de installateur een activatiecode heeft verstrekt of dat het systeem u vraagt om een specifieke actie in de auto uit te voeren (bijvoorbeeld het contact aanzetten of een initiële PIN-code invoeren) om de koppeling van de smartphone te voltooien.
Resultaat: Eenmaal succesvol gekoppeld, fungeert uw smartphone als een virtuele sleutel. Wanneer u in de auto stapt met de app actief en Bluetooth ingeschakeld, wordt het CanLock-alarm automatisch gedeactiveerd (zonder handmatige ingreep, door het versleutelde Bluetooth-signaal te gebruiken), waardoor u de auto kunt starten.
Opmerking: Raadpleeg voor de exacte stappen die specifiek zijn voor uw CanLock-systeemversie altijd de gebruikershandleiding die door uw installateur is verstrekt.
De Servicemodus (ook wel Garage-modus genoemd) stelt u in staat om het CanLock-antidiefstalsysteem tijdelijk uit te schakelen wanneer u uw auto achterlaat bij een servicepunt (garage, werkplaats, etc.). Dit zorgt ervoor dat zij de motor kunnen starten zonder dat zij uw geheime pincode nodig hebben.
Om de Servicemodus te activeren met behulp van uw pincode:
Zet het contact aan of start de motor.
Voer uw pincode één keer in met behulp van de door de installateur ingestelde bedieningselementen van uw voertuig (bijvoorbeeld door het vereiste aantal keren op het rempedaal te drukken of een knop op het stuur te bedienen).
Het systeem is nu gedeactiveerd.
Herhaal onmiddellijk de pincode-procedure door de volledige pincode nogmaals in te voeren.
Bevestiging: Na de tweede invoer van de pincode, zal het systeem de activering van de Servicemodus bevestigen met een specifiek signaal (meestal twee snelle knipperingen van de alarmlichten of een duidelijk geluidssignaal).
Werking van de Servicemodus:
Zolang de Servicemodus actief is, blijft de startblokkering uitgeschakeld.
De auto kan meerdere keren worden gestart en uitgeschakeld zonder dat verdere autorisatie (PIN, ID-sleutelhanger of app) nodig is.
Uitschakeling van de Servicemodus: De Servicemodus wordt automatisch beëindigd nadat:
Een vooraf ingestelde afstand is afgelegd (meestal rond de 50 km).
Een bepaalde tijd is verstreken (bijvoorbeeld 12 uur).
De gebruiker kan de modus ook handmatig uitschakelen door de normale deactiveringsprocedure uit te voeren met de PIN, ID-sleutelhanger of app.
Let op: De exacte knop of het pedaal dat u moet gebruiken voor de pincode-invoer is afhankelijk van uw unieke installatie. Raadpleeg altijd de gebruikershandleiding voor de precieze bediening.
De Servicemodus (of Werkplaatsmodus) schakelt de CanLock-beveiliging tijdelijk uit, zodat een derde partij (zoals een monteur) de auto kan gebruiken zonder dat deze uw ID-sleutelhanger, app of pincode nodig heeft.
Om de Servicemodus te activeren met behulp van de ID-sleutelhanger:
Zet het contact aan van het voertuig.
Zorg ervoor dat de ID-sleutelhanger zich in het voertuig bevindt. Het CanLock-systeem moet de sleutelhanger detecteren en de startblokkering automatisch deactiveren.
Activeer de Servicemodus: Direct nadat de startblokkering automatisch is gedeactiveerd, voert u de servicereeks uit. Druk tweemaal kort na elkaar op het bedieningselement dat u normaal gebruikt voor de eerste stap van uw pincode-invoer (bijvoorbeeld het rempedaal of een knop op het stuur).
Bevestiging: Het systeem zal de activering van de Servicemodus bevestigen met een specifiek signaal (meestal twee snelle knipperingen van de alarmlichten of een dubbel geluidssignaal).
Werking in Servicemodus:
De startblokkering blijft uitgeschakeld, zelfs als de ID-sleutelhanger tijdelijk het voertuig verlaat.
De auto kan zonder verdere autorisatie gestart en gebruikt worden.
Automatische Deactivatie: De Servicemodus wordt automatisch beëindigd na het afleggen van een ingestelde afstand (vaak ongeveer 50 km) of na een ingestelde tijdsperiode. Hierna wordt de beveiliging weer volledig actief.
Let op: De exacte knop of het pedaal dat u moet gebruiken voor de dubbele actie is afhankelijk van de installatieconfiguratie. Raadpleeg de handleiding voor de precieze bediening.
Om een nieuwe ID-sleutelhanger (ID-Tag) te kunnen gebruiken als automatische autorisatie om uw CanLock-systeem uit te schakelen, moet u deze koppelen aan het systeem. Deze procedure vereist het gebruik van uw reeds ingestelde Pincode om het systeem in de koppelingsmodus te zetten.
Let op: U moet de programmeerstappen starten binnen 10 seconden nadat u het contact hebt aangezet.
Stap-voor-stap Koppelingsprocedure:
Contact Aan: Zet het contact van het voertuig aan.
Deactiveren en Voorbereiden: Voer de eerste twee cijfers van uw pincode in met behulp van de vooraf ingestelde bedieningselementen van het voertuig (bijv. rempedaal, stuurknop).
Het systeem is nu gedeactiveerd.
Activeren Koppelingsmodus: Voer dezelfde twee cijfers van uw pincode nogmaals in.
Bevestiging Koppelingsmodus: Het systeem zal dit bevestigen met een specifiek signaal (bijvoorbeeld een langere pieptoon of een aantal knipperingen), wat aangeeft dat het systeem klaar is om een nieuwe sleutelhanger te leren.
Koppel de Nieuwe Sleutelhanger: Houd de nieuwe ID-sleutelhanger direct bij de lezer in het voertuig (de locatie van de lezer varieert per installatie).
Bevestiging Koppeling: Het systeem geeft een ander signaal af om te bevestigen dat de nieuwe ID-sleutelhanger succesvol is gekoppeld.
Afronding: Nadat de koppeling succesvol is, zal het systeem tijdelijk in de Servicemodus staan. U moet het contact uit- en weer aanzetten. Hierna is de nieuwe ID-sleutelhanger direct actief als autorisatie om het CanLock-systeem te ontgrendelen.
Let op: De exacte knoppen die u moet indrukken om de cijfers van de pincode in te voeren, zijn afhankelijk van de installatie. Zorg ervoor dat u de instructies nauwkeurig vol
Als u alle eerder gekoppelde ID-sleutelhangers en mobiele telefoons wilt verwijderen (bijvoorbeeld bij verkoop van de auto, verlies van een sleutelhanger, of om veiligheidsredenen), kunt u een speciale resetprocedure uitvoeren met behulp van uw bestaande, gekoppelde ID-sleutelhanger.
Let op: Deze procedure wist alle geregistreerde ID-sleutelhangers én alle gekoppelde mobiele applicaties uit het geheugen van het CanLock-systeem.
Stap-voor-stap Ontkoppelingsprocedure:
Zet het contact aan.
Deactiveer de Startblokkering: Zorg ervoor dat de huidige, werkende ID-sleutelhanger zich in het voertuig bevindt. Het CanLock-systeem moet de sleutelhanger detecteren en de startblokkering automatisch deactiveren.
Activeer de Resetmodus: Voer de eerste twee cijfers van uw pincode in met behulp van de vooraf ingestelde bedieningselementen van het voertuig (bijvoorbeeld het rempedaal, een knop op het stuur, etc.).
Bevestiging Resetmodus: Het systeem zal dit bevestigen met een specifiek signaal (vaak een langere pieptoon of een aantal knipperingen), wat aangeeft dat het systeem klaar is voor de reset.
Voer de Volledige Reset uit: Voer nogmaals de eerste twee cijfers van uw pincode in (dezelfde actie als in stap 3).
Bevestiging Volledige Reset: Het systeem zal een duidelijke bevestiging geven (bijvoorbeeld drie snelle knipperingen of een reeks piepjes) dat alle gekoppelde sleutelhangers en telefoons uit het geheugen zijn gewist.
Belangrijk: Na deze procedure is het CanLock-systeem beveiligd door alleen de pincode. U moet daarna alle gewenste ID-sleutelhangers en telefoons opnieuw koppelen.
Let op: De exacte knoppen die u moet gebruiken voor de pincode-invoer zijn afhankelijk van de installatie van uw voertuig. Raadpleeg altijd de handleiding voor de precieze bediening.
Het aanpassen van het bereik van de ID-sleutelhanger (de afstand waarop de auto deze detecteert voor automatische deactivering) is een geavanceerde programmeerfunctie die wordt uitgevoerd via de pincode-instellingen.
Stap-voor-stap Procedure voor het Wijzigen van het Bereik:
Zet het contact aan van het voertuig.
Initiële Deactivatie: Voer de eerste twee cijfers van uw pincode in met behulp van de vooraf ingestelde bedieningselementen van het voertuig (bijv. rempedaal, stuurknop).
Het systeem is nu gedeactiveerd.
Activeer de Bereik-aanpassingsmodus: Voer nogmaals de eerste twee cijfers van uw pincode in (herhaal stap 2).
Bevestiging Modus: Het systeem zal overgaan naar de programmeermodus, bevestigd door een specifiek signaal (bijvoorbeeld een langere pieptoon of een aantal knipperingen).
Stel het Bereik in: Voer nu de laatste twee cijfers van uw pincode (C3 en C4) in, maar gebruik hierbij de bedieningsactie die correspondeert met het tweede cijfer van uw code (C2) om het niveau in te stellen:
1 keer indrukken: Instellen op het kleinste bereik.
2 keer indrukken: Instellen op het standaard of normale bereik (meest aanbevolen).
3 keer indrukken: Instellen op het maximale bereik.
Bevestiging Nieuwe Instelling: Het systeem zal het geselecteerde niveau bevestigen door het aantal keer te knipperen/piepen dat overeenkomt met het gekozen bereik (bijv. 2 keer knipperen/piepen voor niveau 2).
Opslaan: Zet het contact uit om de nieuwe bereikinstelling op te slaan.
Controleren van het Huidige Bereik: Om het momenteel ingestelde bereik te controleren, volgt u de stappen 1 tot en met 4. In plaats van stap 5 en 6 uit te voeren, zal het systeem direct na het activeren van de programmeermodus (stap 4) aangeven welk bereik momenteel actief is (aantal knipperingen/piepjes).
Opmerking: De exacte knoppen die u moet gebruiken voor de pincode-invoer zijn ingesteld tijdens de installatie. Zorg ervoor dat u de juiste bedieningselementen gebruikt om andere programmeermenu’s te vermijden.
De ID-sleutelhanger (ID-Tag) is een cruciaal onderdeel van het CanLock-systeem, ontworpen om snelle en veilige autorisatie te bieden via een versleutelde radiotechnologie.
Dit zijn de belangrijkste functies van de ID-sleutelhanger:
Automatische Deactivering (Hoofdfunctie):
De sleutelhanger zorgt ervoor dat het CanLock-systeem automatisch wordt gedeactiveerd zodra de sleutel zich in het voertuig bevindt en het contact wordt aangezet. Dit maakt een handsfree ontgrendeling mogelijk zonder de pincode of de app.
Noodprocedure en Koppeling:
De ID-sleutelhanger speelt een centrale rol bij programmering en reset. Deze wordt gebruikt om:
Nieuwe apparaten (telefoons/apps) te koppelen.
Alle bestaande apparaten te ontkoppelen (via de resetprocedure).
Statusindicatie:
De sleutelhanger is uitgerust met een LED-indicator die informatie geeft over de status, zoals de detectie door het systeem of een melding dat de batterij bijna leeg is.
Basisbeveiliging in Nood:
In sommige situaties (zoals wanneer de batterij leeg is of na een volledige reset), wordt de ID-sleutelhanger gebruikt in combinatie met een noodprocedure, vergelijkbaar met de pincode-invoer, om het systeem te ontgrendelen.
Let op: De effectieve afstand waarop de sleutelhanger wordt gedetecteerd, kan door de gebruiker worden gecontroleerd en aangepast via een geavanceerde instelling (waarbij de pincode gebruikt wordt).
Dit type sleutelhanger biedt de meest directe en comfortabele manier om het CanLock-systeem te beheren, op voorwaarde dat de batterij in goede staat verkeert.
Het is belangrijk om de batterij van de ID-sleutelhanger te vervangen zodra u merkt dat het bereik vermindert of wanneer u een waarschuwing voor een lege batterij krijgt. De CanLock ID-sleutelhanger gebruikt een CR2032 knoopcelbatterij.
Stap-voor-stap Vervangingsprocedure:
Open de Sleutelhanger:
Zoek de inkeping of de kleine opening aan de zijkant van de sleutelhangerbehuizing.
Gebruik een dun, plat voorwerp zoals een kleine schroevendraaier, een dunne spatel of een platte munt.
Steek het gereedschap voorzichtig in de inkeping en wrik de twee helften van de behuizing behoedzaam uit elkaar. Werk voorzichtig om beschadiging van het plastic te voorkomen.
Verwijder de Oude Batterij:
De batterij (CR2032) is zichtbaar op de printplaat.
Verwijder de oude batterij door deze uit de houder te duwen of te wrikken. Gebruik hierbij voorzichtig het platte gereedschap, en let erop dat u de elektronische componenten niet raakt.
Plaats de Nieuwe Batterij:
Plaats een nieuwe CR2032-batterij in de houder. Let nauwkeurig op de polariteit: de positieve zijde (+) moet naar boven wijzen (of zoals aangegeven door de markering op de houder).
Sluit de Behuizing:
Plaats de twee helften van de sleutelhangerbehuizing weer op elkaar. Druk ze stevig aan totdat u een klik hoort en de behuizing weer volledig gesloten is.
Test de Werking:
Test de sleutelhanger bij de auto om te controleren of deze het CanLock-systeem weer onmiddellijk en betrouwbaar deactiveert.
Batterijtype: De CanLock ID-sleutelhanger vereist een CR2032 3V knoopcelbatterij. Gebruik altijd een kwaliteitsbatterij voor een lange levensduur en optimale prestaties.